Volley in tennis

De forehandvolley uitgelegd

de-forehandvolley-uitgelegd

De volley is een slag die veel tennissers afschrikt. De meeste tennissers bevinden zich alleen aan het net in de functie van netspeler in een dubbel. Maar de volley kan een zeer groot wapen zijn! In deze tennistip ga ik proberen jullie iets meer inzicht te geven in de volley, zodat je er zelf aan kunt werken. We beginnen met de forehandvolley.

Een volley is een andere slag dan de meeste slagen in tennis. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een forehand of een service, is een volley niet een slag in de meest letterlijke zin van het woord. Je maakt geen zwaai, maar je stoot met een korte beweging de bal over het net. Ik zal beginnen met een stappenplan voor de forehand volley:

Gebruik de juiste greep
Aanbevolen voor een forehand volley (en ook voor een backhand volley) is een continental greep, ook wel een tussengreep (afb. 1) genoemd. Eventueel kun je een forehand volley ook uitvoeren uit een eastern forehandgreep.

Er zijn diverse trucjes om deze greep te vinden, een ervan is:
probeer met de rand van je racket de bal enkele malen tegen de grond te stuiteren, en je zult zien dat je snel de goede greep te pakken krijgt.

Sta klaar in de juiste positie
Het racket boven de nethoogte ruim voor je, lichtjes ondersteund door je niet-dominante hand bij het hart van het racket. Zorg dat je in een actieve houding klaar staat, klaar om te volleren.

Op het moment dat de bal het racket van je tegenstander raakt, maak je een splitstep (afb. 2). Dit is een lichte hop met beide voeten tegelijk op je voorvoeten. Deze zorgt ervoor dat je spieren op strek gesteld worden. Dit is gunstig, want een spier reageert beter als deze eerst voorgestrekt wordt: je kunt dus nadat de bal geslagen is sneller bewegen in alle richtingen.

Na deze splitstep ga je in de richting van de bal. Zorg dat je goed met je schouder ingedraaid staat en dat je in een rechte of gesloten voetenstand staat. Je kunt je racket nu heel licht naar achter halen. De laatste pas met je linkervoet is bij voorkeur op ongeveer hetzelfde moment als dat je de bal raakt (afb. 3).

Na het raakpunt zwaai je nauwelijks uit
Zorg dat het racket aan dezelfde kant eindigt van je lichaam. Niet teveel doorzwaaien dus. Je kunt nu weer herstellen voor de volgende bal.

Enkele aandachtspunten:
[list]Laat de bal niet in je lichaam komen, maar zoek hem op zodat je de bal goed voor je kunt raken. Je wilt bij elke volley een meter naar voren uitkomen.

*Zorg ervoor dat je racket blad geopend is, het vlak waarmee je de bal raakt wijst dus niet naar voren zoals bij een rechte bladstand, maar naar boven (niet helemaal natuurlijk). Dit zorgt er ook voor dat je een beetje underspin aan je volley krijgt zodat deze iets lager blijft.

*Zorg ervoor dat je racketblad zoveel mogelijk boven de pols blijft. Dit zorgt voor stabiliteit.

*Zorg ervoor dat je pols een beetje naar achter ligt. Je arm en je pols vormen dus geen rechte lijn. De pols leidt de volley en je racketblad zit achter je pols (afb. 4).[/list]

Denk eraan, er is nu een hele hoop informatie op je afgekomen, maar probeer niet alles tegelijk! Oefen een of twee aandachtspunten per keer, en zoek de aandachtspunten die jij nodigt hebt. Dit hangt natuurlijk samen met je niveau. Ook is het belangrijk dat een volley vooral functioneel is, voor schoonheid wordt geen prijs uitgereikt.

Daan Harmsen
Tennisleraar
ontdekkingsreiziger@gmail.com

Afb. 1: Tussengreep
"Tussengreep/Continental

Afb. 2: De splitstep
"Splitstep

Afb. 3: Raakmoment en voetenstand
"Raakmoment

Afb. 4: Laidback pols
"Laidback

0 Comments
Share

Moenanie

Reply your comment

Your email address will not be published. Required fields are marked*